Maria Ramaekers schreef op 28 november 2010:

Hallo Bart,
Jaren geleden heb ik deze tekst gevonden omtrent Albert Einstein.  Ik ken echter de bron niet meer.
Ik zoek naar de bron maar weet het niet meer.  Ik heb nooit ergens anders iets van Einstein gelezen, maar heb dit wel genoteerd omdat dit voor mij duidelijk is dat hij wel geloofde in God.

‘Iedere serieuze natuuronderzoeker moet wel een vorm van religieus aanvoelen kennen.  Het is namelijk ondenkbaar dat ongelofelijk delicaten samenhangen die hij ziet,  door hen voor het eerst zijn overdacht.  In het onbegrijpelijk heelal openbaart zich een grenzeloos verstand.
Het gangbare idee als zou ik een atheïst zijn berust op een groot misverstand.  Als iemand uit mijn wetenschap theorieën haalt heeft hij het slecht begrepen.’ ( ergens gevonden 1n 1990, ken de bron niet.)
Albert Einstein

Vriendelijke groetjes, Maria

 

 

Reactie:

Beste Maria,

Over de religieuze opvattingen van Einstein is al veel geschreven. Ik denk dat het belangrijk is de volgende dingen daarbij in ogenschouw te nemen (zie ook hier). Hij beschouwde zichzelf religieus in de zin dat hij een diepe bewondering heeft voor de complexiteit en geordendheid van het universum. Het woord ‘God’ gebruikt hij vooral als metafoor voor de geordende natuur (zijn beroemde uitspraak “God dobbelt niet” verwijst hiernaar), niet naar een bovennatuurlijk wezen dat interfereert met de natuurlijke orde (zoals bijvoorbeeld bij wonderen gebeurt). Uit een brief van hem die twee jaar gelden bekend is geworden, blijkt dat hij de traditionele religies beschouwt als kinderlijk bijgeloof. Waarom hij niet als atheïst gezien wilde worden, heeft vooral te maken met de negatieve connotaties die dat woord toen had. Uit alles wat Einstein over religie heeft geschreven, blijkt dat hij niets moest hebben van God waarin de traditioneel gelovigen geloven.

Met vriendelijke groet,

Bart Klink

 

Wie zijn er online?

We hebben 50 gasten en geen leden online

Geef je mening

Welke positie over het bestaan van god(en) onderschrijft u?

Bekende atheïsten

Ronald PlasterkRonald Plasterk, moleculair bioloog, voormalig hoogleraar in de ontwikkelingsgenetica aan de Universiteit van Utrecht, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Citaat

Herakleitos (ca. 500 v.c.) zegt: “de mensen die slapen hebben elk hun eigen wereld, de mensen die wakker zijn hebben een gemeenschappelijke wereld”. Individuele mensen beleven in hun slaap een droomwereld waarin elk zijn eigen waarheden heeft en zijn eigen belevenissen. Zodra men wakker wordt, stelt men vast dat het een begoocheling was, wat blijkt uit het feit dat de andere mensen iets anders hebben beleefd. Maar als ze wakker zijn, worden ze geconfronteerd met dezelfde zon, dezelfde huizen, dezelfde bomen, en dezelfde mensen. In de mythen beleven afzonderlijke volkeren een eigen wereld met goden, geesten, bovennatuurlijke krachten, pratende dieren, enzovoort. Bij onderling contact stellen ze vast dat de anderen totaal andere mythen hebben; het zijn als het ware groepsdromen. In de openbaringsgodsdiensten blijkt dat de aanspraak op universaliteit niet kan worden waargemaakt. We kennen een aantal wereldgodsdiensten, die allen beweren de waarheid te hebben, terwijl een gemeenschappelijke waarheid ontbreekt.

~ Etienne Vermeersch

Maria Ramaekers schreef op 28 november 2010:

Hallo Bart,
Jaren geleden heb ik deze tekst gevonden omtrent Albert Einstein.  Ik ken echter de bron niet meer.
Ik zoek naar de bron maar weet het niet meer.  Ik heb nooit ergens anders iets van Einstein gelezen, maar heb dit wel genoteerd omdat dit voor mij duidelijk is dat hij wel geloofde in God.

‘Iedere serieuze natuuronderzoeker moet wel een vorm van religieus aanvoelen kennen.  Het is namelijk ondenkbaar dat ongelofelijk delicaten samenhangen die hij ziet,  door hen voor het eerst zijn overdacht.  In het onbegrijpelijk heelal openbaart zich een grenzeloos verstand.
Het gangbare idee als zou ik een atheïst zijn berust op een groot misverstand.  Als iemand uit mijn wetenschap theorieën haalt heeft hij het slecht begrepen.’ ( ergens gevonden 1n 1990, ken de bron niet.)
Albert Einstein

Vriendelijke groetjes, Maria

 

 

Reactie:

Beste Maria,

Over de religieuze opvattingen van Einstein is al veel geschreven. Ik denk dat het belangrijk is de volgende dingen daarbij in ogenschouw te nemen (zie ook hier). Hij beschouwde zichzelf religieus in de zin dat hij een diepe bewondering heeft voor de complexiteit en geordendheid van het universum. Het woord ‘God’ gebruikt hij vooral als metafoor voor de geordende natuur (zijn beroemde uitspraak “God dobbelt niet” verwijst hiernaar), niet naar een bovennatuurlijk wezen dat interfereert met de natuurlijke orde (zoals bijvoorbeeld bij wonderen gebeurt). Uit een brief van hem die twee jaar gelden bekend is geworden, blijkt dat hij de traditionele religies beschouwt als kinderlijk bijgeloof. Waarom hij niet als atheïst gezien wilde worden, heeft vooral te maken met de negatieve connotaties die dat woord toen had. Uit alles wat Einstein over religie heeft geschreven, blijkt dat hij niets moest hebben van God waarin de traditioneel gelovigen geloven.

Met vriendelijke groet,

Bart Klink

Wie zijn er online?

We hebben 50 gasten en geen leden online

Geef je mening

Welke positie over het bestaan van god(en) onderschrijft u?

Bekende atheïsten

Ronald PlasterkRonald Plasterk, moleculair bioloog, voormalig hoogleraar in de ontwikkelingsgenetica aan de Universiteit van Utrecht, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Citaat

Herakleitos (ca. 500 v.c.) zegt: “de mensen die slapen hebben elk hun eigen wereld, de mensen die wakker zijn hebben een gemeenschappelijke wereld”. Individuele mensen beleven in hun slaap een droomwereld waarin elk zijn eigen waarheden heeft en zijn eigen belevenissen. Zodra men wakker wordt, stelt men vast dat het een begoocheling was, wat blijkt uit het feit dat de andere mensen iets anders hebben beleefd. Maar als ze wakker zijn, worden ze geconfronteerd met dezelfde zon, dezelfde huizen, dezelfde bomen, en dezelfde mensen. In de mythen beleven afzonderlijke volkeren een eigen wereld met goden, geesten, bovennatuurlijke krachten, pratende dieren, enzovoort. Bij onderling contact stellen ze vast dat de anderen totaal andere mythen hebben; het zijn als het ware groepsdromen. In de openbaringsgodsdiensten blijkt dat de aanspraak op universaliteit niet kan worden waargemaakt. We kennen een aantal wereldgodsdiensten, die allen beweren de waarheid te hebben, terwijl een gemeenschappelijke waarheid ontbreekt.

~ Etienne Vermeersch